Pennenvruchten.nl

“The self-styled intellectual who is impotent with pen and ink hungers to write history with sword and blood.” Eric Hoffer quotes (American Writer, 1902-1983)

Help!

Dit weekend sloeg het weer genadeloos toe: het Rode Gevaar.
Voordat je meteen opspringt om naar de winkel te rennen om voor een half jaar eten in te slaan, lees dit blog: https://waterfruit.wordpress.com/2014/12/09/het-rooie-gevaar/ en u weet precies waarover ik het heb.

Datum: Zaterdag, 28 februari, Schoorl.
Missie: Vetrol-bestrijding combineren met een frisse neus halen
Eindoel: Een bezoek aan Bosbuffet ‘De Berenkuil’ in de Schoorlse bossen om eventuele verloren gaande vetrollen te vieren.

Het leek zo leuk; op een warme winterzondag een beetje de Schoorlse bossen verkennen waar mijn liefje haar jeugd beleefde. Van kabouters tellen op het door Staatsbosbeheer aangelegde kabouterpad ….

“Kijk Bram, dat (wijzend naar een afbeelding van een kabouter, geschilderd op een schuin afgezaagde grondpaal) lijkt NET op David de Kabouter! Nee, Bram, voor de DUIZENDSTE keer: HET IS KABOUTER! NIET BAKOUTER!

…. tot wat leren over boswachter Berend die eind 19e eeuw na een lange strijd, het uiteindelijk toch won van die alles verslindende zandverstuivingen.

De trap die we naar meer wandelplezier in een hoger gelegen bos, moesten nemen, LEEK niet alleen hoog (de hoogste zandduinen van Nederland bevinden namelijk zich in Schoorl), hij was het ook! Zelfs voor volwassenen!

Maar natuurlijk NIET voor het Rode Gevaar, also known as Bram, mijn vriendin’s roodharige puberpeuter. Niet gehinderd door een goed werkend inschattingsvermogen, wilde hij per se ‘ZELLUF’ de trap op naar boven beklimmen. Let wel: het jochie is net twee jaar en kan pas net zonder hulp een beetje tussen de eerste en tweede verdieping van een ééngezinswoning pendelen.

EN DAT wilde nu een trap te lijf gaan die voor een volwassene gelijk zou staan aan het beklimmen van de trappen van de Chinese muur???

Precies! Dat was inderdaad Brams plan.

En er was NIETS wat wij daaraan konden doen.

Mensen die van boven naar beneden kwamen en ons zonder hinder konden passeren, hadden een vertederde blik in de ogen en riepen de klimmende Bram dingen toe als:

“Zo-hee, kleine baas! JIJ bent goed bezig zeg! Maar je hebt nog heel wat traptredes te gaan, hoor!”

De mensen daarentegen die van onderen kwamen en die aan dezelfde kant van de trap liepen als wij, bliezen hun wangen vol van ergernis. Doordat de trap toch al zo smal was en wij drieën daarbij ook nog eens heel irritant in de weg liepen, konden ze ons niet meteen passeren. Maar ik denk toch niet dat het Bram’s getreuzel alleen is geweest waaraan ze zich zo liepen te ergeren. Ik zelf zou me namelijk ook vreselijk hebben geërgerd hebben aan de mensen die van boven kwamen en steevast voorrang namen bij een mogelijk passeermoment. Maar ja, die waren natuurlijk weer sneller door de het voordeel van een meewerkende zwaartekracht.

” Groot! Klein! Groot! Groot! Klein! Groot!”

Twee meisjes van ongeveer 6 en 8 daalden opgetogen en hand in hand de trap af. Hardop en volkomen synchroon deelden ze de aantredes (in traptermen is dat de term die men gebruikt voor de lengteafstand tussen twee opeenvolgende treden) in naar of zij die zelf groot of klein vonden ten opzichte van de vorige aantrede die zij belopen hadden.

Bram had de meisjes zien aankomen en vond dit soort analyses blijkbaar machtig interessant en besloot zijn eigen analyses op de trapaantredes los te laten.

” Groot!, Groot! Groot, Groot! Groot!”

En gelijk had ie!

Vanuit zijn oogpunt beklom hij inderdaad een reuzentrap! Waar volwassen mensen hoogstens 2 voetstappen op de aantreden konden maken, kon hij daar gemakkelijk vijf in kwijt!

Op slechts een kwart van de gehele trap begonnen zijn ‘Groot!, Groot!, Groot!’-analyses al minder at luid te klinken. Toen hij van vermoeidheid uiteindelijk overging van lopen naar het kruipen op zijn handen en voeten, stelden wij hem voor een handje te helpen.

“Nee, ZELLUFFFFFF DOEN” was Bram’s repliek, ZO hard uitgeschreeuwd dat als die dekselse Boswachter Berend die Schoorlse duinen eind 18e eeuw niet zo vakkundig met helmgrassen zou hebben ingezaaid, wij nu vast bedolven zouden zijn door een door Bram’s stemgeluid losgetrilde zandlawine.

Meer dan een half uur later. Nog steeds hadden wij het bos boven op de zandduin niet bereikt.

Zo op drie kwart van de trap, stelden we Bram nog maar een keertje voor om te helpen. Maar dan niet meer met 1 handje, nee, met twee handjes dit keer. Vriendin en ik noemen dat altijd de ‘Klein Duimpje en de zevenmijlslaarzen truuk’ waarbij we onder het mom van een menselijke schommmel (“Ennnnnnn WIEUWWWW!!!Ennn WIEUWWWWW!!”) hem de afstanden die we nog te gaan hebben, voor het grootste deel hangend aan zijn kleine twee armpjes laten afleggen.

” Maar Bram, Wil je dan niet de trap op als ‘Vliegende Superbram’ die op zijn schommel door de lucht vliegt? ”

Nee, dat wilde Bram niet.

Zucht.

Weer een uur verder bereikten we dan eindelijk dan toch het einde van de trap. We hadden Bram stiekem toch een beetje geholpen namelijk door hem tijdens het klimmen hem met een zachte voet tegen zijn luier aan omhoog te duwen.

BTW: Is het raar als ik hier zeg dat ik tijdens het duwen dacht dat ik hoopte dat zijn luier vol was?

Het jochie, moe en met zand in oog en mond, had niet doorgehad dat hij hulp had gehad en stond nu, na een paar keer door zijn oververmoeide knietjes gezakt te zijn, triomfantelijk bovenaan de trap.

” Tan! telemaal! zelluff! taan!” (vertaling vanuit het Brabbels: “Bram helemaal zelf gedaan!”

Nadat de trap eenmaal overwonnen was konden we dan eindelijk beginnen aan onze echte wandeling: een horizontale wel te verstaan. Bosbuffet ‘De Berenkuil'(volgens Vriendin vroeger ‘De Ber-E-kuil genaamd) was daarbij het doel en het plan was om daar wat te eten en te drinken.

Gelukkig wist vriendin, vanuit die zoete ervaringen vanuit haar jeugd, de weg……..maar niet heus.

Op een gegeven moment liepen we ondanks Google Maps op haar telefoon, duidelijk rondjes in het bos. Nou ja, dat we rondjes aan het lopen waren was alleen mij volkomen duidelijk. En dat waren geen kleine rondjes, zal ik u zeggen. En hoe prachtig dat bos ook was, op een tempo van 1 km per uur – het tempo dat Bram na de trap nog net aankon- was het toch een beetje te veel van het goede.

Aan de hand lopen wilde Bram nog steeds niet en dus forceerde ik de boel en nam ik hem maar weer op de nek.

Nogmaals, het was een prachtig bos, daar lag het echt niet aan, het zonnetje scheen ook heerlijk door die late winterkou heen en de vogels zullen ook ongetwijfeld gefloten zullen hebben…. ware het niet dat ALS die vogels al gefloten zouden hebben, ik hiervan toch niet veel zou hebben meegekregen omdat Bram mij met stemgeluid dat normaal is voorbehouden aan varkens die met botte mes worden geslacht, trachtte te bewegen hem maar weer zo snel mogelijk op de grond te zetten.

Zei ik eerder niet ergens´ dat Bram niet werd gehinderd door een goed werkend inschattingsvermogen?

Wat bleek: zo moeder zo zoon.

Die verdomde Berenkuil, of hoe die ballentent ook mocht heten, bleek verdorie nog 10 km lopen te zijn!
Het is mij nog steeds een raadsel dat ze ooit kon denken dat ze met DIT kleine kind DEZE afstand konden afleggen zonder bus, buggy of bolderkar en ik kan niet anders dan concluderen dat ze daar HELEMAAL niet over moet hebben nagedacht.

En het allerergste was dat die kleine smiecht, toen hij eenmaal door had dat huilen alleen hem niet sneller de grond onder zijn voetjes zou doen voelen, volkomen onterecht, ineens heel hard `Au!´ en ´Hellup!´ begon te roepen!

Dacht ik eerst nog zijn goedwillende surrogaat vader te zijn, ineens, voor al die mensen in dat zeker op die dag druk bezochte bos, leek ik veel meer op een een ki(n)dnappende kindermishandelaar.

Fraai!

Liep ik daar half hollend met een op hol geslagen rookmelder op mijn arm en mijn vriendin die mij nauwelijks kon bijhouden en die nog iets van ons sociale image te redden door de mensen die wij tegemoet snelden, te trakteren op iets dat nog het meest leek op een groet, een verontschuldigende glimlach en een schouderophaling in één.

“Mwoah … haha .. hallo! ”

“We zijn nu echt heel dichtbij hoor,” zei ze daarna dan weer snel tegen mij , maar elke bocht weer werd ik weer teleurgesteld. Totdat we eindelijk, na iets dat weer op een uur leek, TOCH De Berenkuil bereikten.

Daar toen heerlijk bier en Gluhwein gedronken, ja, zelf als compensatie voor al het leed dat ik had moeten doorstaan mijn dieet overboord gegooid en zelfs nog eens heel gezellig met Dinnetje gepraat… om ineens met een schok te realiseren dat we met datzelfde kind de hele weg nog terug moesten.

En ja hoor, precies dat scenario waar ik bang voor was, ontspon zich. Een kind dat niet zelf wil lopen, ook niet gedragen wil worden en ja, zelfs als het door zijn eigen moeder gedragen wordt, het vredige bos moet verstoren met totaal misplaatst ‘Help-” en “Au-” geroep.

Tot slot: een ding wat me nog opviel: ondanks dat Bram bij tijd en wijle een onmogelijk kind kan zijn, het articuleert tenminste wel goed. 10 minuten lang heb in elke ademhaling waarmee hij om wie ook om hulp riep, consequent de P aan het einde van het woord ‘Help’ gehoord:

“Helllllllllllllllllllllllllllllllllll.. p”
“Helllllllllllllllllllllllllllllllllll ..p”
“Helllllllllllllllllllllllllllllllllll ..p”
“Helllllllllllllllllllllllllllllllllll ..P”

Ik denk dat ik Bram sinds dit weekend steeds beter begin te begrijpen.

Hij wenst mij werkelijk de hel op aarde toe.
En zegt daarbij nog ‘lekker P(uh)’ ook.

Advertenties

6 reacties op “Help!

  1. toosjew
    maart 6, 2015

    Je weet toch wel, dat als je een kindje van dat formaat aan twee armpjes optilt, het er een schoudertje-uit-de-kom van kan overhouden? Er is een naam voor ook: zondagsarmpje 🙀!

  2. marianne
    maart 6, 2015

    Hilarisch…Ja je krijgt wat te versjouwen ( hoe leuke zinspeling is dat wel niet) als je een bonus vader bent…

  3. kompoelan
    maart 6, 2015

    denk niet dat je die rooie dakduif gaat begrijpen, je gaat er aan wennen en het gaat zwaar in je hangen. niets zo onbevredigend als kinderen van een ander opvoeden.

  4. Denise
    maart 6, 2015

    @ Toosje: Weten we, doen we ook nauwelijks om die reden 😉

  5. fruitarier
    maart 7, 2015

    Zeker een leuke woordspelin! En bonusvader hoe kom je erop…ik krijg nergens korting op!

  6. marianne
    maart 24, 2015

    Ooit was ik een bonus moeder…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op maart 5, 2015 door .
%d bloggers liken dit: