Pennenvruchten.nl

“The self-styled intellectual who is impotent with pen and ink hungers to write history with sword and blood.” Eric Hoffer quotes (American Writer, 1902-1983)

Als ik nee zeg, voel ik mij schuldig

De titel van dit blog, is tevens de titel van een boek dat ik laatst bij een tweedehands winkel heb gekocht. Hoewel ik het boek nog helemaal niet heb opengeslagen, denk ik toch dat ik de inhoud van dat boek, nu al begrepen heb. Misschien komt dat wel omdat ik’ s avonds, steeds als ik naar bed ga, dat zinnetje, bewust of onbewust, meekrijg omdat het boek al geruime tijd op mijn nachttafeltje ligt, wachtend op het moment dat ik Stephen’s King’s ‘Desperation’ heb uitgelezen’ , wat trouwens een retespannend boek is.

De reden dat ik denk dat ik het boek eigenlijk ongelezen weer kan terugbrengen naar waar het vandaan komt (want zo ben ik; gelezen boeken, bekeken, VHS videofilms en andere nog verkoopbare spullen gaan, hop, weer terug het recycle proces der armoedzaaiers in; precies daar waar ik ze ook vandaan heb) is dat ik vandaag, al zeg ik het zelf, een bijzonder sterk staaltje van NEE- zeggen heb laten zien.

En ik had maar een heel klein beetje een schuldgevoel; ik schrijf het toe aan de laatste stuiptrekkingen  van mijn empathische zelf; dat deel in mij dat zich goed kan voorstellen hoe bepaald gedrag op de ander overkomt door zich mentaal in zijn of haar schoenen te verplaatsten. Wees gerust, daar wordt- as we speak aan- gewerkt.

Dit blog zal gaan over het keihard nee zeggen tegen een boze buurvrouw, misschien kent u haar nog wel  uit het blog ‘Dierenliefde in 500 woorden’, hier ook mijn blog te vinden ). En daarmee wordt dit verhaal dus een aanvullend verhaal op ‘Dierenliefde in 500 woorden’  want daarin had  ik eigenlijk toch niet alles beschreven wat ik destijds over die boze buurvrouw kwijt wilde. Maar dat kwam dan weer omdat mijn zus had mij had aangeraden om alleen nog maar  blogs te schrijven die qua lengte niet boven het aantal van 500 woorden uitkwamen omdat volgens haar

‘de mensheid maar weinig tijd schijnt te hebben voor mijn schrijfsels’

(of mijn zus nu spreekt namens de mensheid of dat zij denkt dat zij zelf de gehele mensheid pretendeert te zijn, dáár ben ik nog niet helemaal over uit).

Dat project is dus overduidelijk  mislukt,  want in 500 honderd woorden kon ik onmogelijk kwijt wat voor een verfoeilijk mens ik mijn buurvrouw vind.

Vandaag werd zij door een bepaald voorval weer nog  wat verfoeilijker dan ik haar al vond  en daarom hier een nieuw  en dus aanvullend  blog.

(@zus: En ik gebruik zoveel woorden als ik wil: want anders leest men het toch lekker niet!).

“Berend”!, klinkt het door het geluid van mijn schrapende  schep heen.F

-“Shit, had je haar ook weer”

Ik had haar al zien lopen maar  ik had gedacht dat ze de boodschap onderhand wel eens door zou hebben. De boodschap die eruit bestaat dat ik haar, vanwege haar bemoeienissen met mijn kat, in het geheel niet moet. Ik vind haar namelijk zoals waarmee Marcel van Dam ooit Pim Fortuyn uitschold:

‘ een abject individu’ !

Maar nee hoor, het werpen van vuile blikken had geen enkel effect (trouwens ook het werpen van schone blikken deed haar  niets) , negeren, afkappen, NIETS werkt. Of het is een achterlijk blind paard of het is een  totale masochist …. want ze BLIJFT maar terugkomen.

En stééds is mijn kat het bruggetje waarmee dit mens in mijn leven denkt te mogen komen.

“Berend”, klinkt het weer en ik heb er spijt van dat ik haar ooit mijn naam heb gezegd, want nu bezoedelt ze naast mijn kat, ook mijn naam.

Ook al weet ik  dat ze al ergens voor mijn hekje moet staan ( mijn uit de klauwen gegroeide Clematis ontnam me het zicht, schep ik op mijn dooie  houtje, nog vijf volle scheppen zand de  kruiwagen in (want daar was ik namelijk mee bezig) . Uiteindelijk stop ik daar mee en ik zucht expres hard en hoorbaar.  Dan zie ik ineens haar volle gezicht.En die eeuwige glimlach van haar.  De Amerikanen zouden het een ‘smirk’ noemen. Echt zo’n  glimlach die wil zeggen: “de wereld mag in brand staan, maar ik treed gewoon  alles met een glimlach tegemoet.”

Voor de wereld en voor mijn eigen gemoedsrust hoop ik maar  dat dat ‘alles’ ook eens een geladen pistool omvat.

Tot mijn grote vreugde ziet ze  er moe-er uit dan de vorige keer dat ik haar zag.

Ik kijk haar strak aan. Zeg geen woord. Blijf haar aankijken.

“Ik wilde even zeggen tegen je dat ik het zo goed vind dat je met de kat naar de dierenarts bent geweest”. Zie je niet dat het nu veel beter met haar gaat?”

Mijn hemel! Dit mens is echt niet te geloven! Hoe durft ze mij toch steeds als een kleine jongen te behandelen? Hoe ziet dat mens mij eigenlijk? Als iemand die omdat hij in het potje heeft gepiest, nu zit te wachten op een mentaal aai over zijn bolletje?

-“Mevrouw, zeg ik, nadat ik expres 10 seconden na haar vraag ijselijk gezwegen had.

“Wat begrijpt u precies niet? Ziet u nou ECHT niet dat ik geen contact met u wil. Ziet u nou ECHT  niet dat ik wil dat u mij met rust laat?  Ik heb geen INTERESSE  in contact, ook niet over mijn kat.”

“Wat is daar nu toch zo moeilijk aan?”

Mmm, nu ik dit zo opschrijf begrijp ik ineens dat ik toch eigenlijk wel verplicht ben ook de geschiedenis die hier aan voorafging, te beschrijven.  Ik heb namelijk een beetje het gevoel dat  als ik dat niet doe, dat het voor diegene die mij niet kennen, al snel kan overkomen dat ik een bijzonder naar en onaardig mens ben.

Niets is minder waar!

Nou ja, meestal niet tenminste.

Echter, als ik getergd word, zoals in dit geval, dat echt de grenzen van mijn thuis  meegekregen fatsoensnormen worden  opgezocht , dán is het toch echt een een ander verhaal.

Daarom hieronder in vogelvlucht het verhaal van de buurvrouw dat aan mijn stekeligheden vooraf ging.

Buurvrouw en buurman kopen een seizoens stacaravan en zetten deze neer, niet ver vanwaar ik , op hetzelfde terrein,  al 10 jaar permanent woon. De achterkant van hun auto verklapt dat buurman en buurvrouw,   o gruwel, life-coaches zijn. Een vluchtige blik op hun volkomen amateuristische website (met bijvoorbeeld een foto  van het Coachingskoppel, poserend voor een of andere poort , die zo scheef genomen is dat de lijn van de poort een hoek van 45 graden maakt  en van de rechterbovenhoek van tot de linkeronderhoek van  de foto loopt)  leert  dat zij naast het feit dat ze  graag je levenscoach willen zijn,  ook iets van King Kong met je willen gaan  beoefenen. Nou goed,  Qi Qong, dan, of hoe die ademhalings- en bewegingtherapie ook mag heten. En alsof ze daar hun handen nog niet vol mee zouden moeten hebben, verhandelen ze ook nog  eens etherische oliën en gebruiken ze die vast ook als ze , weliswaar onder de dekmantel van een  massagepraktijk, met hun vieze geile, handen aan niets vermoedende en onschuldige  mensen zitten.

Ik denk, aan het enthousiasme te meten (net opgezet eigen bedrijfje , website nog geen jaar in de lucht) dat zij hun  midlifecrisis denken te kunnen overbruggen door díe dingen te verkennen, die  ik twintig jaar geleden al heb verkend en waarvan ik helaas heb moeten vaststellen dat het zowel in de allternatieve geneeskunde (die zij denken te boefenen)  evenals in de allopathische  versie ervan, voornamelijk draait om geld .

Mijn motto was toen al en is nu nog steeds:  je moet gewoon niet ziek worden, en dat kán ook, maar goed, dat is stof voor weer een ander verhaal.

Afijn, Buurvrouw ziet mijn kat lopen en stelt in haar oneindige kruidenvrouwtjeswijsheid vast  dat deze te mager is. Buurvrouw stelt zich niet eerst netjes, nee, maar dringt met haar goedkope decolleté  mijn leven binnen, denkend dat ze met die twee (mochten zij vrij hangen) nog net niet op haar knieen hangende bijbuiken, ook  terstond de elektrische activiteit in mijn mannelijke hersenpan doet staken. Zij vraagt mij zonder enige inleiding of ik mijn kat wel genoeg te eten geef.

Want ze vindt hem zo mager.

Ik verspeel mijn adem,  tijd en moeite door mijzelf nog gaan te verdedigen ook en zeg dat het beest mij anders de oren van mijn kop eet,  maar ben bereid (omdat ik haar toen nog niet goed kende en ook omdat ook ik het belang van mijn kat voor ogen had)  met haar  mee te denken en kom bij gebrek aan andere logische verklaringen- ja ik weet het – op het  volkomen waanzinnige idee,  dat die magerte  misschien wel te wijten is aan het feit dat het kattenbeest al weer  16 jaren op deze aardbol  rondloopt.

Ik, die me toch eindelijk wel door haar tot in mijn haarpunten beledigd voel,  denk haar hiermee toch  voldoende te hebben afgepoeierd en hoop haar daarna het liefst niet meer tegen te komen.

Vreemde is echter wel dat  zodra ze dit gezegd heeft, mijn kat nu ineens ECHT niets meer eet.

Althans niet meer bij mij. Want dat bleek pas later.

Alles wat IK opentrok bleef onaangeroerd staan en kon aan het eind van de dag, zo, de prullenbak gekieperd  worden. Ook was ik,  sinds de buren er stonden, mijn kat  ineens hele dagen kwijt, iets dat tot dan toe nooit was voor gekomen.

Al gauw kom ik achter de reden van dit alles

Buurvrouw en buurman geven, bij navraag, toe  mijn kat bij te voederen  en halen haar daarnaast, te ruiken aan het vreemde parfum op haar vacht, ook duidelijk aan.

Alsof dat allemaal nog niet erg genoeg is,  zoekt mijn buurvrouw steeds  op om mij over de toestand van mijn eigen  kat in te lichten. Zij vertelt mij dat zij, in haar oneindige kruidenwijsheid (die tenslotte niet alleen voor de mensen maar ook voor dieren geldt) dat de kat  niet alleen te mager is, maar ook  wormen heeft en daaroverheen, lijdt onder vlooien.

Nou, het eerste kan ik niet meteen weerleggen, maar het laatste lijkt me wel sterk want als er iemand is die als eerste weet dat een bepaald beest vlooien heeft, dan ben ik het wel. Vlooien prefereren mijn vlees namelijk verre boven dan van het gastdier en ik heb meestal al 10 vlooienbeten op elk been voordat ik doorheb dat het weer ‘die tijd van het jaar is ‘ .

Mijn verblijf op mijn o, zo rustige camping, waar ik dan toe koning was geweest  van de waterkant, voelde ineens steeds ongemakkelijker aan,  en ik weet dit vooral aan de aanwezigheid van de boze buren en vooral aan het steeds  onvrijwillige contact met de buurvrouw omtrent mijn kat.

Zij geeft mij, behalve al dat ik me kapot erger aan haar gehele alternatieve wezen, steeds meer het idee  dat ik in plaats van de dierenliefhebber dat ik toch dacht te zijn, een vreselijke dierenmishandelaar ben.

En dat was nou net niet wat ik van mezelf dacht.

Mijn kat heeft tenminste nog nooit hardop geklaagd!

Dagen worden weken  en ik begin er zelfs bijna te wennen dat mijn kat er meer niet  dan wel is.

Ik zie dat hij vaak bij op en rondom het terrein van de buren hangt en heb geen andere keuze dan dit dan maar te accepteren.

Echter, ik begin mij steeds meer te ergeren aan het feit dat het voedsel dat ik trouw voor mijn kat blijf opentrekken (omdat ik niet weet hoeveel zij precies  van de uren krijg) voor het merendeel  kan weggooien.

En dan begint niet alleen je trots pijn te doen, ook je portemonnee begint te protesteren.

Ik besluit dan ook dat ik de volgende keer dat mijn buurvrouw mij weer opzoekt voor het inmiddels dagelijkse katteninformeerpraatje, ga verbieden om mijn kat bij te voeren.

Net als ze me weer gevonden heeft en bezig is te vertellen dat mijn kat  naast oormijt, ook  tranende ogen heeft, kap ik haar bot  af .

Ik dank  haar (maar niet hartelijk) voor  haar zorgen om mijn kat, maar zeg haar nu ook dat ik nu echt wil dat ze  stopt met bijvoederen omdat ik helemaal niet meer kan anticiperen op wanneer mijn kat  nu honger heeft en wanneer niet. Ik zeg haar daarnaast ook dat ik van haar ook geen nieuwtjes over mijn eigen kat wens  te vernemen omdat ik alle dingen die zij mij denkt te moeten zeggen, allang weet. Ik WEET namelijk dat ze tranende ogen heeft; ik pulk deze  immers dagelijk met mijn eigen vingers   schoon. Ik weet AL LANG   dat ze vieze oren heeft; zo goed en zo kwaad als hij het toelaat, reinig ik deze wekelijks met mijn eigen oorwattenstaafjes.

En ja, voor die oren BEN ik al naar de dierenarts geweest!

En NEE,  volgens de dierenarts WAS HET  GEEN oormijt!

Buurvrouw lijkt verbaasd door de lijn die ik zojuist  voor haar voeten in het steengruispad heb getrokken  en  heeft zelfs niet eens haar vertrouwde glimlach op haar mond meer geplakt

Ze sputtert nog wat groens na en ecologisch tegen,  maar belooft dan uiteindelijk toch te stoppen met mijn kat bij te voeren.

Even gaat het goed.

De  kat zie ik warempel weer eens met zijn hoofd door het elektronisch kattenluik komen, op zoek naar  eten.

Mijn eten.

Maar helaas, al snel, blijft de kat weer dagen achtereen weg.

Dus maar weer zoeken. En ja hoor , hij zat weer bij de buren….

—–bij een vol bakje met vers kattenvoer.

” Wel godverdomme,” dacht ik.

Was ik soms niet duidelijk genoeg? Ik op hoge poten naar de buren toe.

Poes kwam, omdat ik hem het eerste zag, het eerste aan de beurt.

“Poes! Jij rooie (want die kleur hept ie) verrader, leg NEER die bal!  Wát had  ik je  nou gezegd over het eten bij vreemde mensen?

Al-les-wat-vreemd-en-van-buiten-de-camping-komt-is….

….is ….

….is…???

Ja, zég dan!

WáT zeg je ??

Nee,

NIET

lekker..

VIES !  VIES , zeg ik toch altijd?!!!! “

Buurvrouw  komt nu ook naar buiten en gefrustreerd over de vergeetachtigheid, ja bijna opzichtige onverschilligheid van mijn kat,   richt ik mij dan maar tot haar.

Maar in haar ben ik niet teleurgesteld, op haar ben ik woedend!

“Had ik u niet HEEL DUIDELIJK gezegd dat u moest stoppen om mijn kat bij te voederen?!
Ik spuug naar het bakje met voedsel  op de grond en een fluim’hits target’.

“En wat is dát dan?”

-“Ja, sorry”,  sprak de buurvrouw, haar gezicht in standje  ‘begripvol de-escalerend ( jaja, maar ondertussen)

” maar, weet je, als het om kinderen, dieren, hulpbehoevenden en oude van dagen  gaan, ben ik NET een weekdier. Ab-so-luut geen ruggegraat!”

“Niet alleen dán”, heb ik al op mijn tong liggen,   maar ik besluit me om mij nu nog onbekende redenen in te houden.

“Hebt u ZELF anders geen kinderen of huisdieren waar u uw lust tot zorgen op kunt botvieren?

Mijn kat WORDT namelijk al goed verzorgd”

Ik zag opeens dat rond de buurvrouw’s mond  ineens een hemelse glimlach lag.

“Nee, mevrouw,  door MIJ!!

“Maar als zij nou zelf steeds om eten vraagt?  zoog ze zeurderig door, als een Peter R. de Vries met inwendige anale jeuk.

” Ze miauwt altijd zó klaaglijk als ze  bij ons bezoek komt , dan denk ik gewoon dat ze eten wil. En dat is toch logisch: Kijk, hoe mager ze is!

Ik kijk naar mijn kat, tel op mijn gemak  haar ribbetjes,  maar weet dat hij er zo het hele jaar  heeft uitgezien:  NIETS mee aan de hand: Vorige maand moest hij nog vluchten voor een loslopende hond en klom  ze nog  pijlsnel een boom in.

“Mevrouw, éven voor mijn belevingswereld,  vertel me  dan eens precies wat u heeft gehoord toen  u dacht dat ze u om eten vroeg.”

Klonk dat soms als “Miauw…, miauw… auw…… mi – auw….

…Whiskas graag?

Of was het toch eerder Miauw… iauw… wauw…. mauw auw…..

….Sheba alsstublieft?!

Of nee, u hoorde natuurlijk :”Felix OEH , dat is lekker!”

Of, ach, nee, Ik wéét al wat die de manipulator eerste klas tegen u zei.  Ze zei vast:

” Miauw..wraauww… wrauwwrauw —

wrrrgerookte makreel filet , als u hebt…

….MET peperkorrels!

Zij ze dat? Ja zeker, tuuurlijk!

Toegegeven, dat laatste woord was  door mij met een meer dan betamelijk stemgeluid uitgesproken en ik kan me dan ook voorstellen dat nu ook die andere Levenscoach (oftewel de man van de buurvrouw)  naar buiten kwam gestapt.

Het eerste dat hij zei vond ik achteraf gezien nog best toepasselijk voor een Levenscoach:

Hij vroeg namelijk: “Problemen”?

Een perfecte openingszin natuurlijk voor iemand die zijn leven zo goed onder de knie denkt te hebben,  dat hij ook andere levens denkt te kunnen bijsturen.

Ik maakte dankbaar gebruik van zijn open vraagstelling en zei:

“Nou, beste buurman, nu je het me zo vraagt;  hebbie effen?

Want er zijn namelijk GENOEG problemen die mij elke nacht weer, wakker doen liggen.

Wat dacht je bijvoorbeeld van :

-De  graaicultuur die tegenwoordig overal heerst, zich bijvoorbeeld uitend in de  bonussen die vanuit belastinggeld worden uitgedeeld aan de bestuurders van bedrijven die gered zijn met datzelfde belastinggeld;

-die niesbuien van die Liberiaan die, als de wind ongunstig staat, binnenkort in Nederland Ebola zullen gaan verspreiden;

-de massamedia die pertinent aan de leiband van het grote geld lopen  (en dus ook aan die van de farmaceutische industrie)  en  die ons binnenkort  vast allemaal in koor zullen gaan vertellen ‘eigenlijk  iedereen verplicht tegen Ebola gevaccineerd zou  moeten worden’…..

(“Katjing!!”, is het geluid dat  binnenin diezelfde  farmaceutische bedrijven zal klinken : wij complotters -oftewel de mensen met een beetje een normaal werkend geheugen en het nog onaangetaste vermogen om verbanden te kunnen leggen)- noemen dit verschijnsel ook wel een ‘Ab Klinkie’:

http://www.elsevier.nl/Nederland/nieuws/2011/9/Miljoenen-euros-verspild-aan-vaccin-Mexicaanse-griep-ELSEVIER317888W/)

…..met het volstrekt onlogische argument dat als we dat prikkie NIET  nemen dat we dan

1) allemaal dood gaan

2) de ongevaccineerden het ebolavirus zullen verspreiden wat nogal vreemd is als verreweg de meeste mensen wél netjes  in dit bedrog zullen trappen en gevaccineerd zouden moeten zijn…en ‘het’ dus niet meer zouden moeten kunnen krijgen;

-het onder valse voorwendselen steeds maar binnenvallen van allerlei landen omdat daar grondstoffen zitten waarvan men denkt rijk te kunnen worden (Mali, Afghanistan, Libie, Syrie, Irak) ;

-de bio-industrie;

-de  teloorgang van de goede bedoelingen van de goede doelen  zoals het Rode kruis, kankerfonds (KWF)  en het ALS-fonds,

u weet wel, van die stomme ‘ice bucket challenge’ die tegenwoordig zo  ‘in’ schijnt te zijn, ALS het met dat laatste fonds tenminste weer net zo gaat als met het  Alpe d’huez fonds

http://nos.nl/artikel/543432-tonnen-voor-alpe-dhuzesoprichter.html,

het Rode Kruis

http://www.cgdev.org/blog/haiti-quake-four-years-later-we-still-dont-know-where-money-has-gone ,

Pink Ribbon

http://www.spaink.net/2011/11/19/pink-ribbon-in-cijfers/ ,

en Warchild

http://carriere.blog.nl/carriere-celeb-nieuws/2009/10/04/kindsoldaten-ook-dupe-van-borsatos-faillissement

die meer dan 80 procent van de donaties gebruikten om hun directeuren en medewerkers te betalen in plaats van dat het meeste geld terecht kwam bij die mensen waarvoor de organisatie oorspronkelijk in het leven was geroepen;

-de onbetaalbare en volstrekt uitgeklede zorgverzekeringen… oftewel  melkkoe nummero uno van de maffia combinatie staat- en zorgverzekereraars……………….

-iedereen die uit het dorp Volendam komt en waarvan sommigen  nog generaties lang onze beeldbuizen zullen vervuilen (eveneens vanuit belastinggeld);

.. …dus JA, NOGAL wat problemen, buurman!

En alsof ik dit nog niet genoeg problemen zijn,  bemoeien jullie je ook steeds  met mijn kat!!!”

Buurman was óf niet zo geïnteresseerd in het oplossen van mijn problemen (wat toch raar zou zijn voor een beetje levenscoach) óf achtte deze niet zo groot als ik ze wel achtte, want hij ging nergens op in maar ging  recht tegenover mij staan en zei met een beknepen stem en een adem die of recent of chronisch alcoholgebruik verklapte:

“Luister eens jochie; WIJ zijn de stem van jouw kat en dat-wat-zij-zegt maar wat jij blijkbaar  niet schijnt te horen, horen WIJ wel .. en WIJ nemen daar, ondanks wat jij verbiedt of niet verbiedt, gewoon actie op.

Heb je dat goed begrepen, jij klein miezerig kattenmishandelaartje?

WIJ WETEN dat deze kat niet goed verzorgd wordt omdat wij zelf twee katten hebben gehad en die hebben er NOG NOOIT zo uitgezien en toch hebben ze leeftijden van respectievelijk 27 en 29 jaar gehaald!”

Het laatste deel van de zin had de buurman niets anders dan geschreeuwd en ondanks dat ik onder een lichte douche van spuug en (ik vermoed dus) bier stond, keek ik  geamuseerd naar zijn gezicht: het stond erg boos, was rood en opgezwollen maar ik was er zeker van dat het, behalve de grimassen die hij tijdens het spreken trok, verder wel zijn  normale gezicht was.  Ik ben  in mijn leven nogal wat alcoholisten ben tegengekomen  en die zagen er allemaal net zo rood en pafferig  uit als hij.

Ik was niet bang voor hem, dat zeker niet, maar ik vreesde ineens wel dat er naast spuug en bier, toch ook iets anders op mijn gezicht terecht zou kunnen komen.Ik besloot het daarom maar op de man af te vragen, temeer omdat het  als het dan toch zou moeten; ik me daar dan toch enigszins op voor kon bereiden.

” Zeg, U gaat mij toch niet slaan he? ”

Deze vraag had hij duidelijk niet verwacht en ik zag dat zijn staat van woede omsloeg naar een staat van vertwijfeling  maar hij antwoordde mij niet, want dat deed zijn vrouw al voor hem:

“Nee, natuurlijk wordt er hier niet geslagen, door niemand niet!!”

Een stelling die ze weliswaar met overtuiging  innam, dat wel, maar ook één,  die wat mijzelf betrof, misschien toch iets te voorbarig was.

“27 en 29 jaar, poeh poeh, zei  ik toen toch omdat ik het fysieke kibbelen toch eigenlijk ook wel zo lang mogelijk wilde uitstellen.  Om diezelfde reden keek ik ook nog even naar mijn kat die ongestoord door alle commotie bij de andere buurvrouw-de  dikke buurvrouw die je alleen maar  zag wanneer  ze haar hondje uitliet – in het gras lag.

Ineens  was  ik  er zeker van: MIJN kat  zou zulke leeftijden als die katten van de buurman schenen te hebben gehaald, vast en zeker nooit zou gaan halen.

Trouwens, ik zou dat zélf niet eens willen! Nóg 12 jaar al die haren en daardoor geen kleren met zwarte kleur kunnen aandoen? Nóg 12 jaar  alle kussens van de stoelen bedekken omdat zij ze anders of opennagelt of met zijn vieze poten besmeurd.

Nee, dank je Poes!  It has been a pleasure but PLEASE,  would you kindly die already? ”

Na even gewikt en gewogen te hebben omtrent mijn kansen bij een eventueel gevecht, besloot ik deze gedachten maar niet tegen die grote rooie boze alcoholische baviaan te zeggen.

Maar ik  zat hier dus wel met een probleem dat  eruit bestond  dat mijn buren wát ik hen ook zei omtrent het bijvoederen van mijn kat, zij hier helemaal NIETS  van zouden aantrekken.

Laat ik anders zo zeggen: zij betwistten duidelijk mijn rechtmatig eigenaarschap van mijn kat (ik was tenslotte degene die dat mottige dier op tienjarige leeftijd uit het asiel trok om hem een rijkeluispensioen op Camping Rust en Ruimte te bieden)  en er was wel degelijk een kans dat ik hierdoor schade zou gaan lijden. Met de tijd dat hij nodig had om zijn maag vol te vreten bij de buren, zou ik toch al gauw een kopje of 20 minder per dag krijgen. En daardoor lijd ik dus overduidelijk schade!

Toch, naast de nadelen,  zag ik opeens ook een voordeel. Als die twee bozo’s zo nodig mijn kat wilden voeren, wat dan eigenlijk nog? Ik wist dat mijn kat mij toch wel zou blijven opzoeken, want daarvoor was onze band gewoon te sterk. Het was goed bekeken eigenlijk een gevalletje ‘ wel de lusten (nou ja, met iets iets minder kopjes dan, maar daar zet ik me  dan wel weer overheen) en slechts voor een gedeelte de  lasten. Immers, voor dat deel waarmee de buren mijn kat wilde blijven voederen, hoefde ik  tenslotte niet meer naar de winkel te gaan. Een gedeeld c0-oudersschap zeg maar, maar dan niet voor een kind maar voor een kat, al zouden die kinderloze kattenlokkers (want hun kinderloosheid bleek een keer bij navraag) dat waarschijnlijk heel anders zien.

Omdat ik uit de baviaan zijn bek nu ook zinnen hoorde komen als ‘ Ik ga de dierenbescherming bellen’, en ‘De regels van de camping verbieden een campinggast zijn hond of kat los te laten lopen’ (wat trouwens nog waar is ook maar waar ik, het wezen kat kennende, me  al 5 jaar aan weiger te houden) besloot ik mijn buren, bij wijze van compromis,  voor te stellen dat zij  mijn  kat  ’s avonds zouden eten geven en ik ’s ochtends. Dit omdat mijn kat zich toch al vaak  ’s ochtends bij me meldde voor voer.

Mijn aanbod werd geaccepteerd.

Viola, want zo bleek mijn buurvrouw te heten toen ze ter bezegeling van onze overeenkomst, haar hand uitstak en meteen van de gelegenheid gebruik maakte om zich voor te stellen.

“Mooie naam “,  viel nog uit mijn bek ook, maar inwendig dacht ik dat Eucalypta eigenlijk veel gepaster zou zijn. Hoe haar man heette werd toen niet gezegd maar ik vond toen dat het wel  iets van  ‘Bokito’,’Hulk’  of ‘BA Baracus’ moest zijn. Later speurwerk in de handel en wandel van deze twee levenscoachen leverde echter de korte naam ‘Bob’ op.

Een week of twee verstreken.

Mijn kat zag ik eigenlijk bijna nooit meer, zelfs niet ’s ochtends. Heel af en toe zag ik haar ’s avonds ,wanneer ik thuis kwam, onder hun auto liggen. Als ik haar dan riep wilde ze nog wel op me af komen rennen, maar goed… dat was het dan ook wel.

Ik hoop en denk eigenlijk ook wel  dat het door de zomer komt dat ze ook ’s nachts niet meer bij me terugkwam. Want bij de buren kon mijn kat op dat tijdstip namelijk niet zijn. Immers, de baviaan had me  die eerste (en tot nu toe gelukkig laatste keer) dat ik hem gesproken heb, namelijk toegeschreeuwd dat ‘als mijn kat geen vlooien, wormen, maden, ratten en kakkerlakken bij zich had gedragen’  hij het beest al lang bij hen in de caravan had binnengelaten, ALLES om haar maar weg te houden bij haar kwelgeest waar hij dus mijn persoontje mee bedoelde.

Ook al was ik door al hun aantijgingen  omtrent het gewicht van mijn kat nog best onzeker geworden (overigens niet over het feit of ik hem genoeg te eten gaf.. want dat gaf ik) ; dat wat de buren dachten dat zou gebeuren als zij mijn kat zouden bijvoederen, kwam zeker óók niet uit. Waar zij hadden gedacht dat mijn kat door hun bijvoedering zou aankomen, viel mijn kat daarentegen nog meer af. Het was ineens voor mij een mager scharminkel .

Buurvrouw binnen no time weer in mijn aura.

“Berend, ik wil niet veel zeggen, maar volgens mij  gaat het niet goed met Poes.”  Ze had duidelijk moeite om die roepnaam (Poes dus) van mijn kat over haar lippen te krijgen, maar dat was tenslotte toch echt de naam die ik haar gegeven had toen ik haar uit het asiel haalde,  omdat ik haar echte naam Speedy niet over mijn lippen kon krijgen. Het was dan ook deze naam die ik tegen de buurvrouw had genoemd toen ze me vroeg hoe mijn kat heette. Ineens had ik spijt dat ik haar niet had gezegd dat ze ‘Labia ‘ of ‘Vulva’  heette. Ik  zou haar deze namen wel eens over de camping willen horen  roepen als ze mijn kat bij zich zou roepen.

“Labia, kom onmiddellijk onder die auto vandaan”

of nog leuker

“Vulva… eten!!!!”

De buurvrouw vervolgde,  met een heel ernstig gezicht  en naar ik meen, geveinsde compassie

“Ze eet ook wel  heel erg slecht is mij opgevallen”

Zoals gezegd; het feit dat ze magerder was geworden was mij ook opgevallen en ik kon het dan ook niet laten om haar op gepaste wijze EN met gelijke munt terug te betalen.

” Ja, volgens mij gaat het inderdaad niet zo goed met haar. Jullie geven haar toch wel  genoeg te eten? ”

Om vervolgens te vragen of ze toevallig dat Dierenbescherming nummer uit haar hoofd kende.

Ze ging er niet op in want ze al weer  bezig om haar oneindige kruidenwijsheid over mijn arme kat uit te storten  Volgens haar moest het óf een infectie, óf suiker of de schildklier zijn .

Tja, wie heeft er nog een dierenarts nodig als je Berendien uit Zalk als buurvrouw hebt?

Dat zei ze allemaal op een maandag.

Dinsdag ging ik (niet om dat de buurvrouw dat had gezegd maar omdat ik ook echt zelf kon zien dat het niet goed ging met mijn kat) naar de dierenarts. Mijzelf was namelijk naast het feit dat ze een wandelende gratenzak was geworden, ook nog opgevallen dat Poes voortdurend probeerde te plassen maar ook dat dit haar niet goed afging. Ik vertelde  dit de dierenarts  en voordat ik de spuit kon zien,  had mijn  kat had al weer een prik in zijn nek zitten, eentje die gedoseerd voor 10 dagen antibiotica  in de bloedstroom zou loslaten. Het lijkt trouwens wel alsof voor iedere kwaal deze dierenarts een spuit antibiotica geeft,  want tot nu toe heeft mijn kat iedere keer als ik hem naar deze dierenarts bracht, zo’n spuit antibiotica van hem gekregen en God mag weten wat er, naast infecties waartegen antibiotica natuurlijk wel het geeigende middel is, dat  beest op dat moment precies mankeerde.

Maar volgens mij maakt dat deze  dierenarts dat allemaal niets uit (hij mompelt wel altijd wat over de staat van zijn organen die altijd prima was) en ramt er dan vervolgens, voor de zekerheid, toch maar weer zo’n spuit in dat iele nekkie van mijn kat.

En ik moet zeggen:altijd met een gunstig resultaat!

Nadat ik  de dierenarts ook verteld had dat mijn kat zo slecht at, dacht de dierenarts misschien dat mijn kat aan tandvleesontsteking leed. Hij opende haar bekkie en frommelde wat met zijn vingers aan de boven- en ondertanden. Dit duurde niet lang, want al snel zat kat zat met zijn eigen nagels onder de nagelriemen van de dierenarts.

“Kijk, verbeet de dierenarts manhaftig zijn pijn, zie je wel, hij vindt dit duidelijk niet prettig, een aanwijzing dat de boel daar wel eens onstoken kan zijn.

Kom donderdag terug en dan brengen we hem onder narcose en maken we de boel daar eens grondig schoon. Tandsteen verwijderen en zo.  Mocht er hier en daar een kies moeten worden getrokken, doen we dat meteen ook ”

Goed plan, leek me al was het er wel een waarvan mijn portemonnee alvast  naar binnentrekkende bewegingen begon te maken in mijn kontzak.

Eenmaal weer thuis gekomen en bezig met de kat uit de auto te laten,  zag ik de buurvrouw al reikhalzend mijn kant opkijken.  Ze zag natuurlijk die kattenkooi waarin ik Poes naar de dierenarts had genomen. Ze was duidelijk nieuwsgierig naar wat de dierenarts gezegd had. Helaas voor haar,  ik zou eerder mijn tong afbijten dan dat ik naar mijn buurvrouw zou gaan om verslag uit te brengen. Een beetje mijn kat bijvoeren, ongevraagd antiworm pillen erin stoppen  en dan moet ik ook nog eens verslag gaan uitbrengen  wat ik bij de dierenarts had gedaan…… ja daaag!

Dat van die antiworm pillen dat verdient trouwens nog wel enig uitleg, want ook dat was weer een voorbeeld van dat mijn buren wel echt  volkomen geschift moeten zijn.

Toen zij mij de eerste keer had aangesproken met de mededeling dat ze mijn kat zo mager vond, had ze, in haar oneindige kruidenvrouwtjes wijsheid,   al geopperd dat mijn kat wel eens wormen zou kunnen hebben. Dat kon best.  omdat ik helemaal niet eens wist dat katten wormen konden krijgen. Omdatik dat dus  niet meteen kon ontkrachten  en nadat ze ook nog eens had gezegd dat de meeste kattenbezitters om de 3 maanden een wormenkuur  geven (en ik dat inderdaad niet deed :Poes en ik houden niet  zo van medicijnen) ,  had ik niet lang daarna , voor de zekerheid, toch maar een wormenkuur gehaald.

De pillen eerst met veel moeite  in de bek geduwd, daarna veel makkelijker, verstopt in een stukje vleesbrokje kattenvoer. Bleek later dat dat mens, een week lang ook al een wormenkuur te hebben gegeven!

Nou, een ding was tenminste duidelijk, de kans dat mijn kat nog wormen had nadat ze een week vanuit alle kanten wormenpillen werd toegediend, was in ieder geval wel  heel klein geworden!

Maar goed; terug naar het moment van terugkomst vanaf de dierenarts: ik zei al: de buurvrouw is een soort sadomasochistische strontvlieg die op een of andere manier geen subtiele maar ook zeker geen overduidelijke signalen kan lezen. Net toen ik de kat uit haar mand had gelaten, en op het pad met een andere buurman begon te praten,  kwam de buurvrouw al weer aangelopen.

“En? Wat zei die? ” Uiteraard weer met die gelukzalige glimlach op haar smoelwerk.

“Wie”, vroeg ik uiteindelijk nadat ik met duidelijke kenbare  minachting  haar eerst van teen tot kruin had opgenomen.

“De dierenarts natuurlijk!”

Ach, en ik besloot mijn tong maar af te bijten om dat wat ze wilde horen, haar uiteindelijk maar te vertellen. Het gaat namelijk ook tegen  mijn eigen innerlijk gevoel in om staalhard vervelend tegen iemand te blijven. Dan gaat het mijzelf  namelijk pijn doen en dat kan natuurlijk nooit de bedoeling zijn. En  als iemand  duidelijk geen inzicht in de dingen heeft, kun je hem of haar ook geen dingen kwalijk nemen.Ik bedoel: je kan tenslotte ook niet lang boos blijven op bijvoorbeeld een kind dat -ook al heb je het  meerdere keren gewaarschuwd- ergens uit of overheen  lazert. Ze leren gewoon beter als ze naar beneden pleuren !

Toch nog steeds kortaf zei ik “Blaasontsteking en een  mogelijke tandontsteking. Voor de blaasontsteking heeft ie een shot antibiotica gekregen,  er is bloed afgenomen en donderdag gaat ie onder haar tanden schoon te schrobben”

De buurvrouw kreeg ineens een bedenkelijke blik op haar gezicht en vroeg: ” Maar ken je die dierenarts dan wel een beetje??”

En toen kwam het.

“Want heb je wel eens nagedacht over de mogelijkheid van een homeopathische dierenarts? ”

De wereld om mij heen leek op dat moment volledig tot stilsand zijn gekomen.  Ik merkte ineens dat de wind mijn huig kriebelde omdat mijn mond van verbazing zo ver was opengevallen dat de kiezelsteenjes van het grindpad mijn kinharen aan het prikkelen waren.

” MIJN HEMEL”: DIT MENS SPOORT  ECHT NIET !”NU was het genoeg geweest !”

“Mevrouw, alsjeblieft, laat me toch niet lachen. Ik heb potverdrie net  60 euro uitgegeven voor een aai, een spuit en een doosje antivlooienspul en dan gaat u me hier zeggen dat ik eigenlijk een homeopathische dierenarts had moeten bezoeken?  Mevrouw, ik ben best open minded, zelfs bereid om te geloven in homeopathie……… maar toch IET VOOR MIJN KAT.  Wat had een  homeopathisch  dierenarts – als die al bestaat- dan bijvoorbeeld tegen die blaasontsteking doen? Haar eigen urine opvangen en deze dan 20.000 keer verdund weer in haar eigen bloedbaan spuiten?  Of wat te denken van die tandontsteking waaraan ze misschien wel lijdt: moeten we die eigenlijk te lijf gaan met fluoridevrije Paradontax??”

Ruw draaide ik me van haar af. Ik was uitgesproken met haar. Volkomen klaar met haar.

Alles wat ze nu nog ooit tegen me zou zeggen, zou ik OF  niet verwaardigen met een antwoord OF  anders beantwoorden met een bulderende lach.

Die donderdag reed ik dus weer naar de dierenarts. Dit keer dus niet voor een consult maar  voor de mondhygienistische behandeling onder narcose.

Ik kon de auto niet nemen omdat ik deze,  voor een maand lang ,aan mijn vader  had  uitgeleend. Met de kattenkooi achterop de fiets dus.  Bij ieder stoepje die ik af en opging, lichtte ik, dierenvriend die ik ben, de kooi op. Het ging wel heel makkelijk want het beestje woog echt bijna niets meer. Dan moest het beestje daarbij natuurlijk ook niet nog eens een trauma van een te wilde rit oplopen.

Bij de dierenarts ging het allemaal gesmeerd: het was een kwestie van kat afleveren, mijn collega bellen (die omdat ik dus geen auto had, mij  met de auto  zou komen ophalen om me naar het werk te brengen)  en de kat na het werk weer ophalen omdat die dán pas goed en wel uit de narcose zou zijn ontwaakt.

Kat begroette me wat slaperig maar  met een blinkende colgate smile en leek een beetje op die grijnzende kat uit Alice en Wonderland; de mondhygienistische behandeling had duidelijk effect gehad. De dierenarts had niet het idee dat het tandvlees onstoken was en had ook geen tanden hoeven trekken, dus dat viel alweer mee.  De bloedtest had uitgewezen dat alle organen verder in orde waren en dat het oude  beest eigenlijk  nog best in  een goeie conditie was. Ik was erg erg blij met dit nieuws en ik pakte haar op om te knuffelen en haar daarna in de kooi te doen.

Ze protesteerde met een langerekt ” MEEEHHHH”  en ik wist meteen dat het goed wel goed zat met haar. Vanaf het moment dat ik haar kreeg, had ze altijd al op die wijze geprotesteerd wanneer  ik haar oppakte.

En zo zijn we weer terug bij het begin van dit verhaal waar mijn buurvrouw mij dus,  ongeveer een week erna, trachtte te prijzen  voor het feit dat ik met mijn kat naar de dierenarts was gegaan. Iets wat ik in het verleden overigens vele malen heb gedaan, maar dat geheel ter zijde.

“Ik wilde even zeggen tegen je dat ik het zo goed vind dat je met de kat naar de dierenarts bent geweest”. Zie je niet dat het nu veel beter met haar gaat?”

Alsof ik al die tijd een beul ben geweest die heeft besloten niet meer te martelen;  alsof ik een pestkop was die eindelijk zijn slachtoffers met rust laat en heeft geleerd te  respecteren; alsof ik een crimineel was die geen afkeurenswaardige zaken meer uitspookte.

“Nee, buurvrouw, zei ik haar, dat zie ik niet. Mijn poes  is nog steeds mager, net als eerst. Maar ze is dan ook 16 jaar oud en dan zijn ALLE katten mager.

Daarnaast moet ik u mededelen dat ik geen kind ben maar een volwassen man daarom geen complimenten van wildvreemden nodig heb, zeker niet voor mijns inziens, gewoon gedrag.

Dus ook niet van u, mevrouw de buurvrouw.  Is dat begrepen , buurvrouw. Ja?  Dan wens ik vanaf NU  verder geen contact meer met u. Ook niet over het magere ruggetje van mijn kat. Got it!!?”

Aan haar zure smoelwerk te zien was eindelijk het kwartje gevallen. Maar toch was ze nog niet meteen bereid mij of mijn kat met haar spirtuele tengels met rust te laten:

-“Maar ze eet nu toch veel beter en ze blijft nu toch ook veel vaker bij jou ?”

Het laatste was trouwens waar en ik mag graag denken dat mijn kat intussen ook de kriebels had gekregen van Viola Eco   en de Baviaan BavariaBier Buurman en daarom weer vaker bij mij vertoeft.

Ik draaide mij om en liet de buurvrouw hulpeloos achter. Ze wist zich duidelijk geen houding aan te  nemen en hoewel ik deze situatie best goed  herkende, had ik er totaal geen medelijden met haar. De tering maar met haar.

Sinds het beter gaat mijn kat, gaat het beter met mij.  Dat wil zeggen, mijn buren laten me redelijk met rust maar toch ook weer niet helemaal.

Zij blijven mij namelijk terroriseren met hun  idee van “alle liefde  die je het universum en de mensen stuurt, 100 voudig naar ze  terugkomt.  Zo passeerde ik laatst hun caravan en ik zag al van verte dat ze in hun tuin bezig waren. Uiteraard keek ik de andere kant op toen ik voorbijkwam, maar tot mijn grote schrik riepen zij in koor:

“Hallo Berend!”, als ware zij pestkoppen maar dan niet met het normale oogmerk , namelijk terreur uit te oefenen maar met andere  missie : ondanks hevige tegenstand, hun  Goddelijke liefde naar mij uit te zenden, iets dat op mij echter overkomt  als eenzelfde terreur.

Van schrik en verbazing zei ik nog iets van ‘Hoi’  terug ook. Verschrikkelijk, ik weet het, en ik begon er bijna een potje om te janken.

Maar goed, zoals gezegd; het is inderdaad rustiger nu. Ik vrees alleen mijn rust betekent dat andere dierenbezitters op deze camping binnenkort een vleugje van mijn buren (dieren-) liefde moeten ondergaan. Zo was ik gisteren aan het schilderen en ik hoorde overduidelijke de stem van Eucalypta Viola over de camping schallen.

“Ga maar voor. hoor!

Na een tijdje hoorde ik een andere vrouwenstem welke zei:

” Nou, dat gaat een beetje moeilijk… Gaat ú maar voor.”

Wat er nu precies niet gemakkelijk ging werd me niet meteen duidelijk omdat ik dit voorval  allemaal eerst alleen nog met mijn oren opving en er nog niet naar keek.

Wat wel duidelijk werd was dat de buurvrouw en de buurman (want die toen ik eenmaal keek, zag ik die er namelijk ook bijstaan) hun favoriete hobby weer aan het uitoefenen waren:  het bemoeien met andermans huisdieren.

De buurvrouw weer:

“Wat een mooie hond, zeg!   Hoe heet ie?”

Na het  antwoord dat ik niet verstond volgde alweer de volgende vraag:

“Is er soms wat met zijn oogjes.?”

“Ja”, zei de ander vrouw:  “Hij is blind en pas 2 jaar oud dus we moeten nog even met elkaar, zeg maar.”

Deze vrouw, die ik wel vaker had gezien maar toch nog redelijk nieuw is op de camping, stal met dit antwoord , meteen mijn hart. Ze was eerlijk omdat uit ze in feite impliciet toegaf dat ze de blindheid van haar hond toch als een soort last ervoer, maar aan de andere was ze dus blijkbaar ook niet te beroerd was om de rest van haar leven  voor haar eigen hond de  rol van blindegeleidehond aan te nemen.

“Oh, wat zielig!”  De buurvrouw weer, dit overduidelijk weer in haar overbekende  ‘red de  dieren’ stand was geschoten.

Mierzoet vroeg ze verder : “Maar hoe komt dat nu precies? ”

Ik wist gewoon wat die maffe overbuurheks op dat moment aan het denken was ; ze zag natuurlijk al helemaal voor zich dat de hondenbezitster die tegenover haar stond,  thuis met een ijspriem eigenhandig die twee trouwe hondenogen had lopen uit te prikken.

“’t ís een erfelijke zieke die zich pas heeft geopenbaard”

Even was het stil en ik denk dat de buurvrouw op dat moment besefte dat naar de dierenbescherming bellen wat ze ongetwijfeld ook nu weer van plan was geweest  in deze dierenmishandelingszaak (dat wel degelijk dierenmishandeling een geval van dierenmishandeling was, maar dan wel een gepleegd  door de grote Opperhond) geen zin had.

Uiteindelijk wist ze niets beter uit te brengen dan:”Zielig! ”  om daarna de grootte van haar eigen dierenliefde voor eens en voor altijd te duiden.

“Maar wel goed dat je hem niet weggedaan hebt; het lijkt me toch wel moeilijk hoor, zo’n blinde hond. ”

Onwillekeurig begon ik te denken welke redenen zouden rechtvaardig om die buren van mij ‘weg te doen’

Zou bemoeizucht  over de rug van  huisdieren misschien een reden kunnen zijn ?

Ik vind van wel.

Daarom zat ik te denken aan een nekschot voor beiden.

Dat lijkt mij tenminste het meest diervriendelijk.

 

naschrift 10.11.2014

R.I.P POES , 1999-2014
(alias Speedy… maar met die naam waarmee ze uit het asiel kwam, weigerde ik haar te roepen)

Ze was al een aantal keren heel close, maar de 11 oktober was de koek echt op.
NOOIT heeft ze me gekrabd, NOOIT heeft ze me gebeten, NOOIT heeft ze (behalve in de douche) haar behoefte in mijn huis gedaan…. tot vrijdag die laatste dag dat ze in leven was: toen ze stierf heeft ze dan eindelijk voor de eerste keer in haar leven in mijn huis gepiest en wel in het mandje dat ik ooit voor haar in de Action voor haar had gekocht maar waar ze steeds pertinent weigerde in te gaan liggen. Vrijdagochtend was ze al zo zwak dat ze niet meer tegenstribbelde toen ik haar toch nog eens in dat mandje legde om haar van de kwaliteiten van dat mandje te overtuigen.

Vrijdagavond bleek dat ze het mandje nog steeds niets vond. Ze pieste de mand vol en stierf 2 kattepassen buiten het mandje

Poes,

dank je voor dat enthousiaste aankomen lopen als ik thuis kwam, dank je voor het wachten op de parkeerplaats, net voor ik thuis kwam. Dank je voor het altijd erbij willen zijn waar ik ook mee bezig was; zagen boren, slijpen,,,,.. je zat er altijd met je neus op want je wilde er niets van missen.

Dank je voor de afgelopen 5 jaar… je hebt mijn leven echt verrijkt.

 

4 reacties op “Als ik nee zeg, voel ik mij schuldig

  1. tante
    augustus 26, 2014

    zulke mensen zouden verboden moeten worden!

  2. fruitarier
    augustus 28, 2014

    Inderdaad tante!

    En een boete voor ze
    iedere keer dat ik ze tegen kom
    contant aan mij te betalen

  3. toosjew
    september 27, 2014

    Gaan ze de winter elders doorbrengen?
    Ik hoop het voor je!

  4. tante
    oktober 6, 2014

    het mens doet me erg denken aan die ‘dame’ van Koufoen die in winkels moeilijke vragen stelt over alles en nog wat en dan toch niks koopt. Mensen, vooral vrouwen, die denken dat ze de wijsheid in pacht hebben. Ik moest er wel om lachen maar eigenlijk is het helemaal niet om te lachen!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op augustus 24, 2014 door .
%d bloggers liken dit: